Het klein heelal van het gedicht: De aanvang is een zacht ontroeren, Een ruimte, die zich in wil snoeren, Beklemming reikend naar het licht. Dan toonen woorden hun gezicht En stamelende stemmen voeren In 't klein heelal van het gedicht. O hart, vind hier uw evenwicht! Als duisternissen op u loeren, Laat van Gods goedheid u beroeren, Die sluit voor u den afgrond dicht Om 't klein heelal van 't gedicht.